direct naar inhoud van 4.2 Water
Plan: Hogeland-Zuid, Varvik en Diekman
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0153.20100737-0002

4.2 Water

In deze waterparagraaf wordt aangegeven hoe een duurzame waterhuishouding binnen het bestemmingsplangebied en in een groter verband gerealiseerd en gewaarborgd kan worden. Hiertoe wordt een beschrijving gegeven van de relevante vigerende wet- en regelgeving en de daarop gebaseerde lokale beleidsuitgangspunten, opgenomen in de Watervisie Enschede. Daarop volgend wordt het watersysteem in het plangebied, de huidige waterhuishoudkundige situatie van het plangebied en de implementatie van het waterbeleid, gericht op het plangebied, beschreven. Bij deze waterparagraaf behoort de als bijlage bij deze toelichting opgenomen Waterkaart, waarop alle relevante informatie aangaande de waterhuishouding in het plangebied is weergegeven.

4.2.1 Waterwet en waterbeleid

Waterwet

De Waterwet moderniseert en integreert de bestaande wetgeving op het gebied van waterbeheer. Uitgangspunten van de Waterwet zijn integraal waterbeheer en de watersysteembenadering, volgens welke het waterbeheer zich niet alleen richt op het water als zodanig, maar ook op ecologische en infrastructurele aquatische systemen, met inbegrip van de bodem, de oevers en de de biologische component. Dit in wisselwerking met andere terreinen van overheidszorg als bescherming van het milieu en de zorg voor de ruimtelijke ordening.

De Waterwet regelt het beheer van oppervlaktewater en grondwater, en verbetert ook de samenhang tussen waterbeleid en ruimtelijke ordening. Daarnaast levert de Waterwet een flinke bijdrage aan kabinetsdoelstellingen, zoals vermindering van regels, vergunningstelsels en administratieve lasten. 

Met de Waterwet zijn Rijk, waterschappen, gemeenten en provincies beter uitgerust om wateroverlast, waterschaarste en waterverontreiniging tegen te gaan. Ook voorziet de wet in het toekennen van functies voor het gebruik van water zoals scheepvaart, drinkwatervoorziening, landbouw, industrie en recreatie. Afhankelijk van de functie worden eisen gesteld aan de kwaliteit en de inrichting van het watersysteem.

Waterbeleid

De Europese Kaderrichtlijn Water is richtinggevend voor de bescherming van de oppervlaktewaterkwaliteit van de landen in de Europese Unie. Aan alle oppervlaktewateren in een stroomgebied worden haalbare doelen gesteld die in 2015 moeten worden bereikt. Ruimtelijk relevant rijksbeleid is verwoord in het Nationaal Waterplan (NWP), de Nota Ruimte en het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW). In de provincie Overijssel zijn de in 2009 vasgestelde Omgevingsvisie en Omgevingsverordening richtinggevend voor waterschap en gemeenten.

Het waterschap Regge en Dinkel heeft de beleidskaders van rijk en provincie nader uitgewerkt in het vigerende waterbeheerplan 2010 - 2015. Diverse aspecten van het waterbeleid zijn verder uitgediept in afzonderlijke beleidsnota's. Voor het ruimtelijk relevante aandachtsgebied vasthouden en bergen van water is de "Beleidsnota Retentie" opgesteld. De uitgangspunten en wensen voor de inrichting en het beheer van beken en overige waterlopen zijn verwoord in de "Stroomgebied Actie Plannen (STAP)". Daarnaast is de Keur van het waterschap Regge en Dinkel een belangrijk kaderstellend instrument, waarmee in ruimtelijke plannen rekening moet worden gehouden.

Op gemeentelijk niveau zijn de Watervisie (2002), het Gemeentelijk Rioleringsplan (2009) en het Gemeentelijk Waterplan van belang voor het afwegen van waterbelangen in ruimtelijke plannen. Alle plannen zijn in overleg met het waterschap Regge en Dinkel opgesteld.

Watertoets

In het moderne waterbeheer (waterbeheer 21e eeuw) wordt gestreefd naar duurzame, veerkrachtige watersystemen met minimale risico's op wateroverlast of watertekorten. Door water te laten infiltreren in de bodem, en te bergen op daarvoor aangewezen plekken wordt ongecontroleerde overstroming en droogteschade voorkomen.

Belangrijk instrument hierbij is de watertoets, die wettelijk is verankerd in artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). In bestemmingplannen dient een beschrijving opgenomen te worden van de gevolgen van het plan voor de waterhuishouding. Het doel van de wettelijk verplichte watertoets is te garanderen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op een evenwichtige wijze in het plan worden afgewogen. Deze waterhuishoudkundige doelstellingen betreffen zowel de waterkwantiteit (veiligheid, wateroverlast, tegengaan verdroging) als de waterkwaliteit (riolering, omgang met hemelwater, lozingen op oppervlaktewater).

4.2.2 Watervisie en Gemeentelijk Rioleringsplan

Watervisie

De “Watervisie Enschede- de blauwe aders terug in de stad” is door de gemeenteraad van Enschede vastgesteld in oktober 2002. De principes vormen de basis voor de aanpak en benadering van de waterhuishouding van Enschede en zijn afgeleid uit de richtlijnen die de rijksoverheid heeft vastgesteld voor het waterbeheer in Nederland. De missie van de watervisie is het aanzetten tot het aanpakken van problemen en het grijpen van de kansen in het stedelijk waterbeheer. Ter ondersteuning van de missie zijn in de watervisie drie doelstellingen opgenomen:

  • I. Water moet een leidende rol vervullen bij de ruimtelijke inrichting;
  • II. Samenwerking tussen de verschillende 'waterpartners' (bijvoorbeeld het waterschap), de gemeentelijke organisatie en samenwerking tussen de gemeente en de bewoners moet bevorderd worden;
  • III. Water moet weer in de belevingswereld van de bewoners komen.

Om de watervisie in 2030 werkelijkheid te kunnen laten zijn, moet de visie een samenhangend geheel vormen en moeten betrokken partijen intensief met elkaar samenwerken. Het geraamte van de visie bestaat uit een viertal leidende principes, die zijn afgeleid uit de richtlijnen die de rijksoverheid heeft vastgesteld voor het waterbeheer in Nederland:

  • 1. Vasthouden (infiltreren), bergen en afvoeren: regenwater dient zo min mogelijk uit het stedelijk gebied afgevoerd te worden. De achtergrond van dit principe is dat door versnelde afvoer van hemelwater stroomafwaarts problemen in de waterhuishouding ontstaan;
  • 2. Herstellen van de nierwerking: het zoveel mogelijk scheiden van schone en vuile waterstromen, waarbij het schone water mogelijkheden biedt tot (her)gebruik en het vuile water afgevoerd moet worden naar de zuivering;
  • 3. Een doelmatige waterketen: minimaliseren van de kosten van de keten, het minimaliseren van de negatieve effecten op het milieu en het vergroten van de dienstverlening naar de gebruiker van de waterketen.
  • 4. Beleving van water: door water een expliciete rol te geven in de leefomgeving van mensen, kan de kwaliteit van de ruimtelijke inrichting worden vergroot.

Op het niveau van de wijken en percelen dient het regenwater afgekoppeld te worden. Aanvullend dient het regenwater zoveel mogelijk binnen de wijk (stedelijk gebied) geïnfiltreerd, geborgen en zichtbaar gemaakt te worden.

afbeelding "i_NL.IMRO.0153.20100737-0002_0010.jpg"

Afbeelding 4.2.: Blauwe aders binnen de gemeente Enschede

Blauwe aders

De principes zijn vertaald naar een beeld voor het waterbeheer in 2030. De zogenaamde 'blauwe aders' (waterlopen) vormen de hoofdstructuur van het beeld. De rode lijn in nevenstaande figuur stelt de waterscheiding voor. De ader ten oosten van de waterscheiding (pijl 1), zorgt voor afvoer van hemelwater in het Dinkelsysteem. De aders ten westen zorgen voor afvoer van hemelwater in het Reggesysteem en het Twentekanaal. De zoekgebieden voor deze aders zijn voor een deel al ingevuld zoals de blauwe ader parallel aan de spoorlijn (pijl 3). Daarnaast is de planvorming voor de reconstructie van de Roombeek (deel van pijl 2) al in een vergevorderd stadium. De blauwe ader moet afwateren op het universiteitsterrein. Ook zijn evenwijdig aan de A35 voorzieningen getroffen voor het transport van oppervlaktewater. Hier kunnen zowel een ader uit Enschede-Zuid (pijl 6), als een ader uit het centrum (pijl 5) op aangesloten worden. De slagader vanuit het centrum naar de haven in het Twentekanaal (pijl 4) moet nog volledig gerealiseerd worden.

Gemeentelijk Riolerings Plan (GRP)

In het Gemeentelijk Riolerings Plan zijn de watertaken van de gemeente vastgelegd voor de periode 2009 tot 2013. het GRP is door de gemeenteraad vastgesteld in maart 2009.

De gemeentelijke watertaken zijn:

  • I. Inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater;
  • II. Inzamelen en verwerken van afvloeiend hemelwater, als dit redelijkerwijs niet van particulieren kan worden verwacht;
  • III. Voorkomen van structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand, voor zover dit niet tot de zorg van het waterschap, de provincie of particulieren behoort;

met als randvoorwaarden:

  • IV. Doelmatigheid;
  • V. Zo min mogelijk overlast voor de omgeving;
  • VI. Zo min mogelijk nadelige gevolgen voor het milieu.


Zoals al blijkt uit de doelomschrijvingen zijn de taken van de gemeente begrensd. Zij zijn beperkt tot doelmatige zorg en een deel van de taken behoort toe aan het waterschap, de provincie en particulieren. Voor particulieren is het belangrijk om te weten wat zij van de gemeente kunnen verwachten en waar zij zelf verantwoordelijk voor zijn. Hieronder is aangegeven wat de taakopvatting van de gemeente Enschede is voor het afval-, hemel- en grondwater.

Taakopvatting afvalwater

De gemeente draagt zorg voor het inzamelen en transporteren van al het stedelijk afvalwater dat vrijkomt binnen het grondgebied van Enschede. Dit omvat al het huishoudelijk afvalwater, of een mengsel daarvan met bedrijfsafvalwater. Hierbij is wel vereist dat het afvalwater wordt aangeboden volgens de daaraan gestelde regels.

Concreet betekent dit dat de gemeente zorgt voor (vuilwater)riolering vanaf de erfgrens. Het afvalwater wordt door de gemeente naar de rioolwaterzuivering (r.w.z.i) getransporteerd. Het zuiveren van dit water is een taak van het waterschap Regge en Dinkel.

Bij de zorg voor het afvalwater kan voor een alternatief worden gekozen, zoals een Individuele Behandeling Afvalwater (IBA). Verder zijn er enkele gebieden waar de gemeente is vrijgesteld van de rioleringszorg. Hier hebben bewoners zelf hun afvalwaterlozing gesaneerd, meestal met een IBA.


Taakopvatting hemelwater

De gemeente zorgt voor het inzamelen en verwerken van afvloeiend hemelwater, als dit doelmatig is en redelijkerwijs niet van particulieren kan worden verwacht dat zij het hemelwater zelf verwerken. De doelmatigheid en redelijkheid is afhankelijk van:

  • het soort gebied (stedelijk versus landelijk);
  • de bestaande situatie (bestaande wijken versus in-/uitbreidingen en herinrichtingen);
  • de grootte van de percelen;
  • de mogelijkheden voor infiltratie (bodemgesteldheid);
  • de mogelijkheden voor afvoer naar oppervlaktewater;het stelseltype van de bestaande riolering (vuilwater-, gemengde of gescheiden riolering);
  • de bestaande situatie en de termijn waarbinnen de afvoersituatie kan worden aangepast.

Afkoppelen

De gemeente ziet het tevens als haar taak om het inzamelen en verwerken van hemelwater los te koppelen van het afvalwater. Dit wordt aangeduid met de term afkoppelen, ofwel: de hemelwateraansluitingen van de (vuilwater)riolering afhalen.

Taakopvatting grondwater

De zorgtaak voor grondwater is in de wet omschreven als: "zorg voor het in het openbaar gemeentelijke gebied treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken, voor zover het treffen van die maatregelen doelmatig is en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoort".

Taken voor particulieren

Waar de gemeente niet voor het hemelwater zorgt, moeten particulieren dit zelf doen. Dit zal worden vastgelegd in een gemeentelijke "hemelwaterverordening". Daarin wordt ook aangegeven wanneer en hoe particulieren verplicht zijn om af te koppelen of het hemelwater op een bepaalde manier aan te sluiten.

4.2.3 Huidige waterhuishoudkundige situatie

Het plangebied is ruim 300 ha groot en ligt tussen de Zuiderval (westen), de Varviksingel (noorden), de Bruninklaan (oosten) en de N35 (zuiden) in het zuidoosten van Enschede, zie afbeelding 4.3.

afbeelding "i_NL.IMRO.0153.20100737-0002_0011.jpg"

Afbeelding 4.3: bestemmingsplangebied

Maaiveld

Het globale maaiveldverloop is weergegeven in figuur 4.4.

afbeelding "i_NL.IMRO.0153.20100737-0002_0012.jpg"

Afbeelding 4.4.: Maaiveldverloop [bron: AHN]

Bodem en geohydrologie

Voor de planvorming van Eeftink, Kotmanplaats en Diekman zijn recentelijk de volgende onderzoeken gedaan:

  • I. Diekman wonen
  • II. Diekman sport [Verkennend bodem-, asbest en geohydrologisch onderzoek Diekman-sport te Enschede d.d. 25 januari 2008 met kenmerk R001-452620LHU-cmn-V01-NL, Tauw]
  • III. Zuiderval [waterhuishouding Zuiderval d.d. december 2003 met kenmerk 110302/OF3/4J2/000956/AM, Arcadis]

Diekman wonen en Diekman Sport

Diekman wonen en Diekman Sport vallen buiten het plangebied van dit bestemmingsplan, en zijn verder ook niet opgenomen in dit bestemmingsplan.

Eeftink

Uit grondboringen bij de Zuiderval, geboord tot 2 meter diep is naar voren gekomen dat ter hoogte van Het Eeftink de bodem zandig is tot op 2 meter diep. De bovenste meter is sterk humeus. Er zijn peilbuizen aanwezig nabij de kruising Zuiderval / Weth. Beversstraat. De gemeten grondwaterstanden (1980 t/m 1996) variëren van ca. 0.70 m tot ca. 2.0 m – MV. Uit metingen van de diepere filters blijkt, dat er geen of nauwelijks kwel optreedt.

Kotmanplaats

Vanwege de ongunstige bodemopbouw, doorlatendheid en ontwateringssituatie van het gebied en het toekomstig gebruik zijn in principe geen infiltratievoorzieningen toegepast. Indien benodigd zal drainage worden toegepast om piekgrondwaterstanden af te vlakken.

Varvik

Geen specifieke informatie aanwezig.

Hogeland-Zuid

Geen specifieke informatie aanwezig.

Grondwaterstanden

In het plangebied staan 11 peilbuizen van de gemeente.

Het verloop van de gemiddeld hoge (GHG) en de gemiddels lage (GLG) tot 2010 zijn in tabel 4.1 weergegeven.

Peilbuis   m.v.   GHG
mNAP (m -mv)  
GLG
mNAP (m -mv)  
jaren  
696A   50,08   48,60 (-1,48)   47,10 (-2,98)   14  
701A   46,07   44,92 (-1,15)   43,52 (-2,55)   18  
714A   47,61   46,41 (-1,20)   44,72 (-2,89)   22  
763A   40,72   39,48 (-1,24)   38,99 (-2,55)   17  
909A   51,04   49,10 (-1,94)   47,18 (-3,86)   5  
911A   44,72   32,30 (-12,42)   31,91 (-12,81)   4  
912A   42,64   41,48 (-1,16)   40,80 (-1,84)   4  
913A   41,53   40,38 (-1,15)   39,28 (-2,25)   7  
914A   40,79   39,08 (-1,71)   38,46 (-2,33)   4  
917A   39,00   38,23 (-0,77)   37,43 (-1,57)   7  
918A   39,42   37,40 (-2,02)   36,62 (-2,80)   7  

Tabel 4.1: indicatie GHG en GLG [bron: meetnet gemeente Enschede]

De grondwaterstanden varieren in het algemeen tussen 1 meter en ruim 2 meter onder het maaiveld. De grondwaterstroming is van oost naar west. In het plangebied zijn geen grondwateronttrekkingen aanwezig.

Riolering en afwatering

De structuur van de riolering en afwatering in het gebied Hogeland Zuid, Varvik en Diekman is weergegeven in onderstaande afbeelding.

afbeelding "i_NL.IMRO.0153.20100737-0002_0013.jpg"

Afbeelding 4.5.: Rioleringskaart

Afvalwater

Het afvalwater wordt via het riool in de Weth. Beverstraat onder vrij verval afgevoerd naar de het hoofdriool in De Zuiderval ten westen van het plangebied. Er zijn geen rioolgemalen aanwezig. Onder het Wagelaarplantsoen is een berging aanwezig van 5000 m3 voor water uit het gemengd riool.

Regenwater

Het regenwater van Varvik en het noordelijke deel van Hogeland zuid voert af, vermengd met het afvalwater, naar het riool in de Weth. Beverstraat. In het Wagelaarplantsoen ligt een ondergrondse bergingsbak (jaar van aanleg 1993, inhoud 5000 m3) die tijdens hevige regen het water tijdelijk bergt.

Regenwater van dakvlakken in Kotmanplaats stroomt naar een ondergronds leidingensysteem voor schoon hemelwater en loost uiteindelijk, via het schone regenwaterstelsel van Zuiderval op de Broekheurne vijver langs de A35 ten westen van de Zuiderval. Het vervuilde regenwater van parkeerterreinen en wegen in Kotmanplaats voert via het vuile regenwaterstelsel van Zuiderval en een lamellenafscheider voor de zuivering van het verontreinigde regenwater eveneens op de Broekheurne vijver.

Het hemelwater van Eeftink voert tijdelijk af naar het vuilwaterriool en wordt uiteindelijk op de geprojecteerde retentievoorziening Cromhoff aangesloten.

Het regenwater van het zuidelijke deel van Hogeland-Zuid voert gescheiden van het afvalwater via een ondergronds leidingensysteem af naar de Olympialaan waar het regenwater in de Willemsbeek terecht komt. In de wijk Diekman-wonen, stroomt het regenwater bovengronds vanaf de perceelgrens via goten naar wadi's, waar berging en infiltratie plaatsvindt. Overtollig regenwater stroomt naar de Willemsbeek in het noorden en de retentiebekkens langs de geluidwal in de zuidelijke zone. Deze retentiebekkens worden zijn ingericht als plasdraszones, vanwege een wisselend waterpeil in de zomer- en wintersituatie.

Oppervlaktewater

Het watersysteem is oost-west georienteerd en bestaat uit een retentiebekken langs de A35, de bermsloot langs de A35 (noordkant), de Willemsbeek en een aantal locale sloten die afvoeren naar voornoemde wateren.

Het retentiebekken is gekoppeld aan de bermsloot langs de A35 die afvoert naar de bergingsvijver Broekheurne-Noord langs de A35 ten westen van de Zuiderval, zie afbeelding 4.6.

afbeelding "i_NL.IMRO.0153.20100737-0002_0014.jpg"

Afbeeldng 4.6.: Afwateringskaart [bron: waterschap Regge en Dinkel]

Blauwe ader

De Willemsbeek is een van de blauwe aders in Enschede, die er voor zorgt dat water zichtbaar door Enschede stroomt. De beek loopt vanaf de oostkant van het plangebied, (voeding met water vanaf de stuwwal (grondwater en hemelwater) door tot voorbij de westkant van het pangebied, (voeding met overtollig hemelwater van Diekman wonen en hemelwater vanaf Kotmanplaats). De Willemsbeek is daarmee een zeer belangrijke beek in het watersysteem.

De Willemsbeek begint bij de Sportlaan en loopt vervolgens deels langs (noordzijde) en deels door het plangebied. Ter hoogte van de Kuipersdijk komt de Willemsbeek uit in een duiker die het water afvoert naar de bermsloot ten noorden van Rijksweg 35.

Wateroverlast Diekman

Nabij het plangebied zijn twee wateroverlastgebieden bekend. Beide gebieden liggen ten noordoosten van het Diekmanterrein.

In de Marathonstraat heerst wateroverlast vanuit het gemengd rioolstelsel en ter plaatse van de Sportlaan/Olypialaan is een overlaat van het gemengde rioolstelsel welke dient te worden gesaneerd. Beide problemen worden in samenhang met de ontwikkeling van het Diekmanterrein opgelost.

Kaart

In de bijlage bij de toelichting is een kaart opgenomen met relevante informatie over de waterhuishouding in het plangebied.

4.2.4 Nieuwe ontwikkelingen

Geprojecteerde en recent gerealiseerde ontwikkelingen zijn:

Bouwen

  • Diekman wonen 2e fase (gerealiseerd)
  • Diekman parkeerterrein (gerealiseerd)
  • Diekman zwembad (gerealiseerd)
  • Eeftink kantoren (in realisatie)
  • Kotmanplaats bedrijven (in realisatie)

Riolering

Er staan geen grootschalige rioolrenovatieprojecten op stapel.

Wegen

Er staan geen grootschalige wegrenovatieprojecten op stapel.

Groen

Er staan geen grootschalige groenprojecten op stapel.

Water

Er staan geen grootschalige waterprojecten op stapel.

Implemanetatie beleid binnen ontwikkelingen

Diekman wonen 2e fase

Afwatering gaat op de zelfde manier plaatsvinden als in de eerste fase; bewoners bieden regenwater bovengronds aan op de perceelgrens, waarna het bovengronds via goten naar wadi's stroomt waar berging en infiltratie plaatsvindt. Overtollig regenwater stroomt naar de Willemsbeek in het noorden en de retentiebekkens langs de geluidwal in de zuidelijke zone. De gemeente stimuleert de bewoners het hemelwater bovengronds en zichtbaar over het eigen perceel af te voeren.

Diekman sport

In dit project word het gehele verhard oppervlak van 3,5 ha afgekoppeld van het gemengd rioolstelsel. Ontwerp waterhuishoudingssysteem is in planvorming, zie onderstaand kader.

Parkeerterrein

Regenwater vanaf het parkeerterrein stroomt bovengronds naar groenstroken op het parkeerterrein, waar berging, infiltratie en afvoer plaatsvindt. Het parkeerterrein wordt zo aangelegd dat bij hevige neerslag water tijdelijk op het parkeerterrein blijft staan, met weinig overlast de gebruikers van het parkeerterrein. De omliggende gebouwen wateren af via de omliggende groenstroken voorzien van drainage naar een ondergrondse berging onder het voorplein met een inhoud van 300 m3. Het systeem voldoet aan de binnenstedelijke bergingseis bij herstructurering van 20 mm. Het regenwater wordt bovengronds en zichtbaar afgevoerd.

Diekman Sport West inclusief zwembad Aquadrome

Het water van het verhard oppervlak van het zwembad terrein stroomt af naar een watergang/vijver met een oppervlak van ca. 900 m2. De vijver heeft een bergende functie en een overloop naar het bestaande regenwaterriool in de Kuipersdijk.

Parkeerterrein

Regenwater vanaf het parkeerterrein stroomt bovengronds naar groenstroken op het parkeerterrein, waar berging, infiltratie en afvoer plaatsvindt. Het parkeerterrein wordt zo aangelegd dat bij hevige neerslag water tijdelijk op het parkeerterrein blijft staan, met weinig overlast de gebruikers van het parkeerterrein. De omliggende gebouwen wateren af via de omliggende groenstroken voorzien van drainage naar een ondergrondse berging onder het voorplein met een inhoud van 300 m3. Het systeem voldoet aan de binnenstedelijke bergingseis bij herstructurering van 20 mm. Het regenwater wordt bovengronds en zichtbaar afgevoerd.

Diekman Sport West inclusief zwembad Aquadrome

Het water van het verhard oppervlak van het zwembad terrein stroomt af naar een watergang/vijver met een oppervlak van ca. 900 m2. De vijver heeft een bergende functie en een overloop naar het bestaande regenwaterriool in de Kuipersdijk.

Kotmanplaats kantoren en Eeftink

Een deel van deze gebieden zijn al ontwikkeld. De waterhuishouding is beschreven paragraaf riolering en afwatering.

Randvoorwaarden bij nieuwe ontwikkelingen

  • Geen toepassing van uitlogende bouwmaterialen, wanneer deze in contact (kunnen) komen met hemelwater (bijvoorbeeld zink, koper, en bitumen voor goten en dakbedekking);
  • Grondwaterneutraal bouwen: dit betekent dat het grondwater in de nieuwe situatie niet permanent verlaagd of verhoorgd mag worden. Tijdens de ontwikkeling van het gebied (aanleg wegen, gebouwen), mag het grondwater tijdelijk verlaagd worden (melding of vergunningaanvraag bij de provincie Overijssel);
  • (Parkeer)kelders waterdicht maken;
  • Waterberging aanleggen op laagste punt binnen het plangebied;
  • Verdiepen van waterlichamen, zoals waterlopen en vijvers, mag de grondwaterstanden, in overleg met de gemeente Enschede, aantoonbaar niet negatief beïnvloeden;
  • Met bouwen beginnen als de wateropgave geregeld is;
  • Systeemkeuze afwatering en benodigde bergings- en infiltratievoorzieningen conform vigerend GRP.

Plankaart/Regels

Bergbassin Wagenaarplantsoen (ter hoogte van Dr. Johan Wagenaarstraat)

Onder het Wagelaarplantsoen is een berging aanwezig van 5000 m3 voor water uit het gemengd riool, aangelegd in 1993.

Willemsbeek

De Willemsbeek is een van de blauwe aders in Enschede en is verzorgt de hoofdafwatering van een groot deel van het bestemmingsplangebied en de bovenstrooms gelegen stuwwal.

Conclusie:

Op basis van de gegevens uit de waterparagraaf kan de conclusie worden getrokken dat er op het gebied van water geen belemmeringen zijn voor het bestemmingsplan. Het betreft hoofdzakelijk een conserverend plan.