direct naar inhoud van 4.3 Archeologie
Plan: Lonneker Erf, herziening 1
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0153.20090580-0004

4.3 Archeologie

Inleiding

In 1992 ondertekenden twintig Europese staten, waaronder Nederland, het Verdrag van Malta, of – zoals het officieel heet – het 'Europees Verdrag betreffende de bescherming van het archeologische erfgoed'. Het verdrag werd in 1998 door een goedkeuringswet bekrachtigd, maar het verdrag is nog niet vertaald in nieuwe wetgeving (wetsvoorstel ligt bij Tweede Kamer). Het verdrag kent de volgende uitgangspunten:

  • Archeologische waarden zoveel mogelijk in de bodem bewaren;
  • Vroeg in de ruimtelijke ordening al rekening houden met archeologie;
  • Bodemverstoorders betalen archeologisch vooronderzoek en mogelijke opgravingen.

Archeologiebeleid

Op 28 januari 2008 is door de gemeenteraad van Enschede het gemeentelijke archeologiebeleid vastgesteld. Hierin is opgenomen hoe de gemeente Enschede vorm geeft aan 'het rekening houden met archeologie'. Op basis van het beleid dient archeologie op een dusdanig vroegtijdig stadium te worden betrokken bij planontwikkelingen en/of aanvragen van bouw-, sloop- of aanlegvergunningen dat de risico's voorafgaand aan de werkzaamheden in kaart kunnen worden gebracht. Hierbij is het van belang dat inzicht bestaat in de archeologische verwachtingswaarde en de trefkans dat waardevolle archeologische waarden in de bodem aanwezig zijn. Daarbij geldt dat de geologie, de geomorfologie en de aard van de bodem zeer bepalend zijn voor de archeologische verwachtingswaarde. Gesteld kan worden dat tot de middeleeuwen nederzettingen meestal gelegen waren op de hooggelegen gronden (stroomruggen en oeverwallen). In de middeleeuwen en daarna heeft zich op een deel van deze gronden een esdek gevormd. Op deze hoger gelegen gebieden zijn resten van nederzettingen uit diverse periodes te verwachten. Op basis van kennis over hier hiervoor genoemde kan een indicatie worden gegeven over hoe groot de kans is dat ergens waardevolle zaken in de bodem aanwezig zijn. Deze indicaties staan op de Algemene Archeologische Verwachtingskaart van de gemeente Enschede aangegeven. De Algemene Archeologische Verwachtingskaart van Enschede is opgebouwd uit aparte verwachtingskaarten voor de periode waarin de mensen als jagers en verzamelaars leefden en de periode waarin mensen sedentair gingen leven als landbouwers. Daarnaast zijn ontgrondingsgegevens en historische elementen, zoals molens, hoeven en landweren, toegevoegd.

Archeologie en het plangebied

Het plangebied "Lonneker Erf, herziening 1" ligt op de hoger gelegen stuwwal op oude ontginningen. De bodem bestaat uit veldpodzol. De omgeving van het plangebied "Lonneker Erf, herziening 1" (oudste naam Loningheri) omvatte drie grotere escomplexen: de Lonnekeres, de Roolvinkes en de Linderzijde, met daarnaast diverse, verspreid liggende kleinere essen. In 1475 worden in Lonneker 40 erven genoemd, waarvan 29 een volle waar en 11 een halve ware bezaten. De marken in het voormalige richterambt Enschede en Lonneker bestonden uit het stadsgericht Enschede en het territorium van het landgericht Enschede dat werd gevormd door het grondgebied van vijf marken: Esmarke, Lonneker, Driene, Twekkelo en Usselo. Marken zijn ontstaan uit de noodzaak om gezamenlijk ongecultiveerde of woeste gronden te beheren ten behoeve van diegenen die in de marke wonen. In een marke waren altijd een of meerdere essen te vinden. Bij de totstandkoming van de gemeenten in 1811 vormden de vijf voornoemde marken het grondgebied van de toen ontstane gemeente Lonneker, echter met de beperking, dat een deel van de Esmarke bij de gemeente Enschede werd gevoegd. In 1818 werd dit ongedaan gemaakt en werd de gemeente Enschede verkleind tot de proporties van vóór de Franse tijd. In 1881 werd een flink deel aan de gemeente Hengelo en in 1884 aan de gemeente Enschede afgestaan. Op 1 mei 1934 werden de gemeenten Enschede en Lonneker samengevoegd. In de periode voor 1950 gingen de fundamenten bij het bouwen niet veel dieper dan 50 tot 60 cm. In de onbebouwde delen en onder de bebouwing kunnen in de ongestoorde bodem archeologische waarden aanwezig zijn. Op basis van deze kennis kan een indicatie gegeven worden over hoe groot de kans is dat ergens waardevolle zaken in de bodem aanwezig zijn. Deze indicaties staan op de Archeologische Verwachtingskaart van de Gemeente Enschede.

Archeologische Verwachtingskaart

Op de Archeologische Verwachtingskaart zijn archeologische vondsten, archeologisch waardevolle terreinen en de ligging van gebieden met een hoge, een middelhoge en een lage verwachtingswaarde weergegeven. Uit de Archeologische Verwachtingskaart van de Gemeente Enschede blijkt dat het gebied “Lonneker Erf, herziening 1" een middelhoge archeologische verwachtingswaarde heeft. Dit is het zogenaamde “archeologische onderzoeksgebied". In het plangebied bevinden zich geen archeologische monumenten of waardevolle archeologische terreinen, waarvoor een bescherming via het bestemmingsplan noodzakelijk is.

afbeelding "i_NL.IMRO.0153.20090580-0004_0009.jpg"

Fragment Archeologische Verwachtingskaart Enschede

Archeologisch onderzoek

Omdat het bestemmingsplan "Lonneker Erf, herziening 1" het ontwikkelen van een gebied geldt een archeologische onderzoeksplicht. Het plangebied is in juli 2006 archeologisch onderzocht door ADC archeoprojecten uit Amersfoort. In het onderzoeksrapport nr. 703 d.d. juli 2006, als bijlage VII deel uitmakend van het bodemonderzoeksrapport d.d. 15 augustus 2006 van Tebodin dat als Rapport 1 als bijlage van deze plantoelichting is opgenomen, is geadviseerd om in het plangebied geen nader archeologisch onderzoek uit te voeren. Het is echter niet volledig uit te sluiten dat binnen het onderzoeksgebied toch nog archeologische resten voorkomen. Daarom geldt bij activiteiten die de bodem verstoren bij een toevalsvondst de meldingsplicht bij de gemeente, zoals aangegeven in artikel 47, lid 1 Monumentenwet 1988.

Conclusie

Vanuit het oogpunt van archeologie zijn er geen belemmeringen voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan.